Woesj…

Na de lunch vertrekken we voor een tweede wandeling naar de watervallen bij Munduk (ja! We worden echte ‘Die hards’). Komang gidst ons. Een ontzettend vriendelijke jongen die ons duidelijk graag zijn dorp, huis, plantage(tje) en de watervallen laat zien. Hij blijkt een lopende encyclopedie en leert ons van alles over koffie, kruidnagel, vanille, etc. Bij zijn eenvoudige huis worden we getrakteerd op koffie en ontmoeten we zijn vrouw en dochtertje. Hij woont werkelijk heel simpel. Een huis van bamboe. Slechts twee kamertjes en een keuken. De woonkamer is de veranda. De tuin een kaal erfje met een kippenhok. Hij verontschuldigd zich voor zijn huis en de eenvoud ervan. Maar hoe weinig hij ook heeft, hij trakteert ons op eigen bananen en die zijn heerlijk!
Als we verder trekken begint het te regenen. Geen probleem, want Komang plukt een paar Tayer bladeren en zie daar: een natuurlijke paraplu. Helemaal echt! Door de jungle met een blad als plu.. We lijken een rijtje mieren zoals we achter elkaar de berg afdalen over het smalle paadje.

Naarmate we dieper in de vallei komen begint het echter harder te regenen en daarna zitten we in een stortbui. Het enige dat droog blijft is ons gezicht dat wordt beschermd door het blad. Gekke gewaarwording, want de regen is warm en van het klauteren en klimmen worden we zo warm, dat we tegelijkertijd nat worden van het zweet als van de regen. Afkoelen is er niet bij. De watervallen zijn indrukwekkend, maar het echte avontuur is de stortbui, onze bladparaplu en onze volledig doorweekte kleding en schoenen. Giechelend en druipend komen we aan op de parkeerplaats waar de taxi met onze rugzakken op ons wacht.. Eerst even omkleden en iets droogs aan. In de warung aan de kant van de weg mogen we ons even verkleden en dan gaan we droog en met een heel nieuwe ervaring vers op ons netvlies, op weg naar Ubud.

Elke

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *