Updated on augustus 4, 2017
Zoektocht naar Villa Ma’Rasai
De 1721 meter hoge vulkaan Gunung Api Gamelama ziet er spectaculair uit als we landen op het vliegveld van Ternate.
Als we uit het vliegtuig stappen voelen we de warmte als een deken om ons heen. De zweetdruppels gutsen over mijn voorhoofd en mijn shirt voelt vochtig en klam aan. Ternate blijkt een van de broeierigste plekken op de Molukken te zijn. Dat is absoluut niet gelogen.
Op elk vliegveld worden we belaagd door een horde taxichauffeurs. Ternate is hierop geen uitzondering. Tijdens het wachten op onze rugzakken, heb ik enkele omstanders gevraagd wat een taxi zou mogen kosten naar kampung Gambesi. In dit stadsdeel ligt namelijk villa Ma’Rasai, ons onderkomen voor de komende dagen. Voor 100.000 rupiah zou het moeten lukken.
De eerste taxichauffeur vraagt 300.000. Al snel volgen anderen. Niemand wil het echter voor minder dan 250.000 doen.
Ze zullen wel weer onderling de prijzen met elkaar hebben afgesproken. “Veel te ver”, krijgen we steeds te horen. Uiteindelijk tipt iemand ons, tot groot ongenoegen van de taxichauffeurs, om een paar honderd meter verder te lopen en een microlet busje te vlaggen en die vervolgens te charteren voor een lagere prijs. Met die intentie lopen we richting de poort van het vliegveld. Al snel komt uit het niets iemand aangesneld die ons voor 150.000 naar onze bestemming wil brengen. Gewoon weglopen loont. Er dient zich meestal automatisch een oplossing aan.
We rijden door Kota Ternate en krijgen meteen een indruk van de stad… niet echt bijzonder.
Er wonen rond de 200.000 mensen en het is de grootste stad op de Noord Molukken. De hoofdstad is overigens niet meer Ternate. Sinds 2007 is dat Sofifi, op het grootste eiland Halmaheira. Ternate was vroeger vanwege zijn strategische ligging heel belangrijk. De Nederlanders hebben er maar liefst 3 militaire forten gebouwd. Allemaal ter bescherming van de specerijen handel in nootmuskaat en kruidnagel, die op de eilanden weelderig groeien. Onze chauffeur blijkt geen enkel idee te hebben waar Ma’rasai ligt en moet diverse keren de weg vragen. De verwarring is compleet als Maps.me ons naar een totaal verkeerde locatie leidt. Uiteindelijk bereiken we ons hotel. Het eerste wat we doen is verkoeling zoeken in het zwembad van Villa Ma’Rasai.
De villa doet zijn naam eer aan.
Een gebouw in koloniale stijl in oranje en geel tinten en bijzonder stijlvol ingericht met hardhouten meubels met midden in de hal een vleugel.





Villa Ma’Rasai ligt in de heuvels aan de voet van de vulkaan, op 10 km van de stad, ver weg van alle drukte. De eigenaar, de zeer vriendelijke en bescheiden Hasron, heeft alles van scratch af opgebouwd. Toen hij de grond 30 jaar geleden kocht was het niks waard. Het was louter grasland en er stond helemaal niets. Hij heeft de grond intensief moeten bewerken voordat er maar iets op kon groeien. Alle bomen, planten en orchideeën zijn erheen gebracht en handmatig aangeplant. Uiteindelijk is er vlakbij een universiteitscomplex gebouwd, met de bijbehorende infrastructuur, waardoor de grondprijs vertienvoudigde. Steeds meer toeristen weten Villa Ma’Rasai te vinden. Daarom wordt er naast de villa momenteel flink bijgebouwd. Er komt een gebouw met maar liefst 17 kamers. In Oktober moet het klaar zijn, want dan zijn ook al de eerste (Nederlandse) gasten geboekt.

Villa Ma’Rasai is naar alle waarschijnlijkheid de beste verblijfplaats in Ternate. Hasron en zijn personeel zijn heel erg behulpzaam.
Het ontbijt is een ware feestmaal: pancakes met home made confitures, toast met avocado salade en niet te vergeten de smoothies van zuurzak en drakenvrucht. Het fruit is overvloedig en vers. ’s Avonds eten we er verrukkelijke gamba’s en vis. Hun zelfgemaakte durian ijs is echt om te smullen, althans dat vind ik. De dames kunnen de indringende geur echter totaal niet waarderen. Geeft niks, want dan is er voor mij des te meer!
Jerrel
